DE ROOVERT ROUTE
Omgeving Goirle 18 km

© L.A.W.V.VIA-VIA


Vertrekpunt
Afstand
Korte karakteristiek




Goirle
Ongeveer 18 km.
Het is een rondgaande wandeling van ongeveer 18 kilometer. De Roovert route ontleent zijn naam aan landgoed Gorp en Rovert, een mooi bosgebied met boerderijen en een kasteel. Op deze route wandelen we o.a. door en langs Goirle, langs bos- en akkerbouwgebied en de Regte Heide.

ROUTEBESCHRIJVING

Hadden we in de voor iedereen drukbezette kerstvakantie geen geschikt moment kunnen afspreken om op pad te gaan met de harde kern van L.A.W.V."Via-Via", het nieuwe jaar bood meer ruimte. De donderdag bleek opnieuw een uitstekende dag. De BAPO-ers en de FUT-ers hadden ruimte in hun drukbezet bestaan, alleen Bert moest zijn verantwoordelijke taak op school vervullen en moest ons met lede ogen laten gaan. Afgesproken werd om op 23 januari de wandelschoenen weer uit het vet te halen. Charles had de Rovert route ten zuidwesten van Goirle uitgekozen. Het is een rondgaande wandeling van ongeveer 18 kilometer. De Rovert route ontleent zijn naam aan landgoed Gorp en Rovert, een mooi bosgebied met boerderijen en een kasteel. Op deze route wandelen we o.a. door en langs Goirle, langs bos- en akkerbouwgebied en de Regte Heide.

We hebben afgesproken om elkaar rond 9.00 uur in Goirle bij de St. Janskerk, op hoek Bergstraat-Kerklaantje te treffen. Jan is op tijd! Chapeau! Peter en Jan Willem arriveren iets later en Lorenz en Charles komen als laatste op de plaats van afspraak, opgehouden door filevorming in Tilburg. Op de startplaats staat een informatiebord dat het verloop van de route weergeeft. De route is bewegwijzerd met witgele markering op bomen, lantaarnpalen en dergelijke en paaltjes met witgele kop. Toch zal blijken dat onderweg niet elke markering goed is aangegeven en er velen een frisse verfstreek kunnen gebruiken.

We starten hier midden in het centrum van Goirle aan de voet van de St. Janskerk. De circa 100 jaar oude St. Janskerk staat op de plaats van de in 1896 op de toren na afgebroken 15e eeuwse kerk. De huidige, dus oude toren dateert van het jaar 1460. De geschiedenis van Goirle gaat veel verder terug. In Goirle zijn verscheidene prehistorische vondsten gedaan, waaruit blijkt dat hier al vroeg van bewoning sprake was. Vermoedelijk heeft Goirle ook al vanaf omstreeks 1100 de beschikking gehad over een bedehuisje en was het een echt kerkdorp. Bestuurlijk vormde het van 1387 tot 1803 een heerlijkheid samen met Tilburg. Eind 18e eeuw heeft een plan bestaan om Goirle van Tilburg af te splitsen en te verenigen met enkele andere omringende plaatsen, maar de inwoners van Goirle protesteerden daar fel tegen en verzochten met Tilburg verenigd te mogen blijven. In 1803 kwam de scheiding er wel en werd Goirle een zelfstandige gemeente met 900 inwoners.

Landbouw en vooral thuisweverij (in het bijzonder kaatsballen, waar de bijnaam 'balle-frutter' vandaan komt) vormden de belangrijkste bronnen van bestaan. Dit bleef ook zo in de eerste helft van de 19e eeuw. In 1853 telde Goirle 1200 inwoners en het was omstreeks die tijd, dat het thuisweven plaats ging maken voor productie in textielfabrieken. Tot ongeveer de jaren '60 van de vorige eeuw was de textielnijverheid bepalend voor de identiteit van Goirle. Vanaf die tijd spelen nationale en internationale industriële concurrentie een grote rol, hetgeen tot bedrijfssluitingen heeft geleid. Nog slechts een textielfabriek HAVEP treffen we op onze route. Om de werkgelegenheid veilig te stellen werden industrieterreinen aangelegd en bedrijven aangetrokken. Hierdoor wijzigde zich de opbouw van de beroepsbevolking, evenals door het feit dat mensen die in Tilburg werken zich hier hebben gevestigd.

Om 9.30 uur vertrekken we in westelijke richting langs het Bejaarden- en Verzorgingshuis en lopen voorbij de eerder genoemde Textielfabriek HAVEP, bekend vanwege de bedrijfskledingindustrie. Het gaat naar rechts, maar een onduidelijke routemarkering brengt ons in de Dorpstraat. Verkeerd dus. De kaart wordt geraadpleegd en even een voorbijganger vragen. Zo belanden we via Hoogeind toch weer op de Spoorbaan, maar een duidelijk geel-wit markeringsteken ontbreekt. We komen bij het fietstunneltje onder de Turnhoutse baan en staan, de bebouwing achterlatend, op de Rielse Dijk meteen in het buitengebied.

© L.A.W.V.VIA-VIA

Hier vinden we wel de routemarkering, die ons meteen in het noordelijkste deel van de Regte heide brengt. Het sombere, nog donkere winterweer roept een typische sfeer op. De Regte heide is een gebied met een oppervlakte van meer den 300 ha. Het is een van de weinige heidegebieden van enige omvang in Noord-Brabant, die de ontginningsgolf in de eerste helft van de twintigste eeuw heeft overleefd. Het gebied is een circa 1 km brede, hoge rug, nagenoeg noord-zuid lopend, die aan de oostzijde wordt begrensd door het beekdal van de Poppelsche Leij en aan de westkant door het beekdal van de Leij. In enkele laagten komen dopheide, beenbreek, zonnedauw, klokjesgentiaan en veenmossen voor en op de hoge droge delen voornamelijk struikheide. Het gebied is een belangrijke slaapplaats voor de regenwulp. De naar voedsel zoekende steenuil en kerkuil worden hier aangetroffen. De boompieper, boomleeuwerik en korhoen zijn hier ook niet onbekend. Evenmin de honingbijen, wespen en vliegen, die op de honing van de struikheide afkomen. Maar met de weersomstandigheden van vandaag hebben we aan deze informatie weinig. Alles lijkt uitgestorven en verlaten.

In de verte, in zuidelijke richting doemt uit de mistige nevels een stille getuigenis van de prehistorische bewoning: een rij van zes grafheuvels aan de westzijde van het gebied. In 1935 werden enkele grafheuvels gereconstrueerd en in 1980 werden ze gerestaureerd. Tussen die grafheuvels staat een paal waarop in brons nadere informatie over situering, soort graf, ouderdom, vorm e.d. wordt gegeven. Sinds 1992 is de Regte Heide eigendom van het Brabants Landschap.

Het pad voert naar links en we bereiken de Tweede Dijk, een breed zandpad dat grens aan de oostzijde van de Regte heide. Dit zandpad brengt ons over een afstand van bijna 2 kilometer in zuidelijke richting tot aan een 5-sprong met grote boom. Hier gaan we naar links en komen op de Nieuwkerkse Dijk, een klinkerweg, die ons naar het gehucht Nieuwkerk brengt. Voor het wandelgemak lopen we op het schelpenpad, dat als fietspad dienst doet. Halt maken we bij een picnic-plek voor een korte pauze met koffie en een versnapering. Even later passeren we de golfbaan, die er verlaten bij ligt en bereiken Nieuwkerk, dat vroeger Steenvoort werd genoemd. De boerderijen op het landgoed Nieuwkerk zijn geschilderd in dezelfde kleuren. Het zijn de kleuren van eigenaar Baron Jamblinne de Meux: geel rood. In Nieuwkerk liggen ook de grafkelders van de graven van Hogendorp, eens heren van de heerlijkheid Tilburg en Goirle. Het kerkje dateert uit de tijd dat de Goirlenaren genoodzaakt waren buiten het machtsgebied van de Heren Hoogmogenden, dus over de grens, een kapel op te richten.

© L.A.W.V.VIA-VIA

Dat we hier op de grens met België zitten maakt grenspaal 211 duidelijk. We lopen nu pal oost en bereiken na goed 1500 meter de Poppelse weg, de drukke doorgaande weg van Tilburg/Goirle naar het Belgische Poppel. Opletten bij het oversteken!! Hier loopt de route over de Gorpse Baan. Naar het noorden kijken we over de weilanden en landerijen richting Goirle, dat op ongeveer 5 kilometer aan de mistige horizon ligt. Weldra zitten we opnieuw in het bos. Links van dit pad ligt de plek waar nog de graven te zien zijn van twee van de vijf eerste gijzelaars, die hier in augustus 1942 door de Duitsers werden gefusilleerd. Het is een recht en breed bospad dat ons naar het landgoed Gorp en Rovert brengt.

Gorp en Rovert is een rond 1100 ha. groot gebied met veel naald- en loofhout, heide en ontginning. In de 19e eeuw bestond het gebied voor een groot gedeelte uit heidevelden en vennen. In het begin van deze eeuw werd de heide grotendeels ontgonnen en ten dele in gebruik genomen als cultuurgrond. De ontgonnen grond werd echter vooral beplant met naaldhout (voor mijnstutten) en loofhout, zoals beuk, eik en tamme kastanje. Op sommige plaatsen staan ook veel rododendron. In dit zeer afwisselende gebied komen velerlei planten voor zoals diverse soorten varens en duizendknoop. In het voorjaar bloeit er plaatselijk speenkruid, bosanemoon en het lelietje der dalen. Het gebied kent ook een rijke vogelstand. Overdag tref je er de luidroepende wulp aan en 's avonds en 's nachts zijn de ransuilen en bosuilen te horen. In de vroege ochtend en 's avonds kun je hier reeën te zien krijgen. Van dit alles bespeurden we nu niets.

© L.A.W.V.VIA-VIA

Het werd nu echt tijd voor de middagpauze. Geen bankjes voor een gemakkelijke zit en ons op de natte bosgrond neer te vleien vonden we niet bepaald goed voor de gezondheid! Dan maar op de leuning van de Paradijs-brug. Hieronderdoor stroomt de uit België stromende Leij. Dit is een punt waar de rood-witte markering aangeeft dat hier de Leij volgend een lange afstandswandelpad passeert. Het is de LAW 502/503. Na goed een half uurtje opnieuw in de benen en zo konden we onze route vervolgen.

Voorbij de Paradijs-brug lopen we nu op landgoed Gorp tot aan de Leenhof, een Kempische boerderij met torentje, waar de taalgeleerde Becanus werd geboren. Er staan hier nog meer oude Kempische boerderijen, een ervan ondergaat een ingrijpende restauratie. Door de bomen zien we op afstand op landgoed Rovert de modelboerderij en het jachtslot met brandtoren dat eigendom is van de familie Van Puyenbroek, evenals overigens het landgoed waar het jachtslot op staat. Al met al een paradijselijk stukje Brabant. Zeker als we voor de Leenhof langslopend de meanderende Leij bereiken en deze een kilometer stroomafwaarts volgen.

© L.A.W.V.VIA-VIA

We lopen nog steeds op landgoed Gorp en de route voert, nadat we de oevers van de Leij verlaten hebben, in noordoostelijke richting langs het Heneven. De paden op, de lanen in. Zo bereiken we de verharde weg op nog slechts 2 kilometer van Goirle. We besluiten om maar niet over deze weg terug te keren naar ons startpunt van deze wandeldag. De kaart bestuderend kiezen we voor het bospad dat ons direct langs het Bankven leidt. Het Bankven is ook zeker de moeite van een verpozing waard. Hier groeien planten die kenmerkend zijn voor deze omgeving, zoals grote lisdodde, wederik, wolfspoot, moeraswalstro, oeverkruid en pilvaren. In winterse dagen als het vriest dat het kraakt kun je hier de schaatsenthousiasten van Goirle vinden. Want wat is er mooier dan op deze plek je rondjes te schaatsen of bochten te zwieren. Het roept herinneringen op aan oud Hollandse schilderijen met winterpret. Maar nu was het er nat en geen ijs.

Goirle komt steeds dichter bij en we bereiken het kruispunt waar we rechtdoor lopen, links van ons gaat de weg naar het gehucht Breehees. Nog enkele bochten en we staan voor de brug van de Poppelsche Leij, direct achter de textielfabriek van HAVEP. We blijven nog even op de zuidoever van de Poppelsche Leij lopen en steken deze pas na goed 200 meter over. Achter het Bejaarden- en Verzorgingshuis St.Elisabeth door bereiken we ons startpunt. Het loopt tegen 14.00 uur en dit is geheel volgens planning. De Rovert route hebben we tot een goed einde gebracht. Op naar de warme koffie met vlaai, want dat hebben we beslist verdiend! In Loon op Zand wordt de route nabesproken en kan Lorenz in zijn GPS-kompas de juiste afstand en coördinaten nog eens rustig bekijken.

Charles Aerssens

KAARTEN:

- TopoKaart 1:25000, 50F Tilburg
- Wandelroute Hart van Brabant Nr 6





Lange Afstand Wandelvereniging "VIA-VIA".

Gegenereerd op 02-02-2003 door C.P.J. Aerssens